DIKSMUIDE – IEPER

De rode lijn geeft het wandeltraject weer. Klik op de rode markeringen voor toelichting over de locaties.
Alle toelichtingen kunnen ook in de tekst hieronder gelezen worden. Die tekst bevat bovendien illustraties.

Afstand : 27,5 km

GR IJzer volgen

Vanaf de brug over de IJzer tot aan de Knokkebrug volgen we opnieuw de GR IJzer.

IJzertoren

De IJzertoren, oorspronkelijk ingewijd op 24 augustus 1930, is in de eerste plaats een herdenkingsmonument voor de Vlaamse gesneuvelden van de Eerste Wereldoorlog, maar hij staat tegelijk ook symbool voor de aan de IJzer ontstane wil tot meer politieke verzelfstandiging van Vlaanderen. De jaarlijkse IJzerbedevaart aan de voet van de toren is een politieke manifestatie tegen oorlog en voor Vlaams zelfbestuur.

Op de IJzertoren staan in kruisvorm de letters AVV / VVK, wat staat voor Alles Voor Vlaanderen, Vlaanderen Voor Kristus. Weliswaar kwam het IJzertestament van in het begin op voor pluralisme. Op de toren staat ook nog Nooit meer oorlog, in de vier talen van de strijdende partijen van het westelijk front tijdens de Eerste Wereldoorlog: Plus jamais de guerre, No more War, Nie wieder Krieg.

De oorspronkelijke toren is het doelwit geweest van een aanslag met dynamiet, waardoor hij volledig verwoest werd in de nacht van 15 op 16 maart 1946.

Ijzertoren 1946

Enkele jaren na de dynamitering werd op enige meter daarvandaan een nieuwe en veel hogere (84 meter) toren gebouwd. Met de resten van de opgeblazen toren werd op het voorterrein, in de IJzerbedevaartweide, in 1950 de Paxpoort of Poort van Vrede gebouwd.

De ruïne van de oude toren (destijds ongeveer 50 m hoog) wordt als blijvende getuigenis zorgvuldig bewaard. Hierbij bevindt zich een crypte, waarnaar tussen 1930 en 1937 de stoffelijke resten van enkele bekende Vlaamse frontsoldaten werden overgebracht. Het gaat om Renaat De Rudder, Joe English, Frans Van der Linden, Firmin Deprez, Frans Kusters, Hubert Willems en Juul De Winde. In één kist liggen de Gebroeders Van Raemdonck samen met de Waalse soldaat Amé Fiévez. De ruïne werd, samen met de crypte, in 1997 volledig gerestaureerd.

renaat_derudder

Renaat De Rudder (Oostakker, 11 december 1897 – Merkem, 17 december 1917)

“Het is droevig te zien en horen het schreeuwend onrecht, dat ons wordt aangedaan. Tot op ons zwart soldatenkruis, belijdenis van ons offer, staat alles in het Frans. En mijn hart bloedt bij het horen van de ergerende woorden, die onze oversten uitspreken als hun verachting in onbewaakte ogenblikken naar boven welt: ‘Sales Flamands’.

Uit de brief van Renaat De Rudder aan Henri Van Laere, 29 september 1916

De oprichting van de IJzertoren werd gefinancierd met ingezamelde vrijwillige bijdragen van talloze Vlamingen en verenigingen.

Bron : https://nl.wikipedia.org/wiki/IJzertoren

In de IJzertoren is nu het Museum aan de IJzer gevestigd dat toelichting geeft bij het Belgisch-Duitse front tijdens de Eerste Wereldoorlog aan de hand van verhalen van soldaten, vluchtelingen en burgers. Ook de politieke consequenties van de oorlog zoals de Vlaamse ontvoogdingsstrijd worden toegelicht. Naast het uitzicht over het voormalige IJzerfront kan men bovenop de 84 meter hoge toren ook genieten van een panorama over Diksmuide en de Westhoek.

Meer informatie op : http://www.museumaandeijzer.be/ijzertoren/

Herdenkingskapel de Goussencourt of zogenaamde Vliegenierskapel

In 1923 opgericht op initiatief van Graaf Stanislas Théodoor de Goussencourt en zijn echtgenote ter nagedachtenis van hun zoon graaf Paul de Goussencourt, die in mei 1917 op 25-jarige leeftijd als sergeant-vliegenier zijn leven liet tijdens een luchtgevecht en hier neerstortte.

GR IJzer verlaten

Knokkebrug

Op het eind van de 16de eeuw werd op deze plaats door de Spanjaarden een fort aangelegd, Fort Knokke of “Fort de Knocke”. Deze vesting moest de IJzervlakte beschermen tegen aanvallen van hervormingsgezinden vanuit Oostende. De volgende eeuwen werd het fort aangepast en uitgebreid door de Fransen en de Oostenrijkers. Onder keizer Jozef II werd het weer afgebroken. De Knokkebrug is genoemd naar dit fort en ligt aan de noordrand van het vroegere fort.

Bron : https://nl.wikipedia.org/wiki/Knokkebrug

Drie Grachtenbrug

Op 15 oktober liet de Belgische genie de Drie Grachtenbrug, de nabijgelegen Cayennemolen en Knokkebrug opblazen. De Duitsers namen op 21 oktober het gehucht Luigem, een kilometer ten oosten van Drie Grachten, in en bouwden er een verdedigingsstelling uit. Kort daarna begon men met de onderwaterzetting van de IJzervlakte. Ook het gebied rond Drie Grachten kwam onder water te staan. Enkel de Drie Grachtensteenweg, die iets hoger gelegen was, bleef begaanbaar. Aan de westkant lag Drie Grachten, dat door Fransen was bezet, aan de oostkant Luigem, dat door Duitsers was bezet en als een schiereiland boven water bleef. In de nacht van 9 op 10 november voerden de Fransen een mislukte aanval uit op het Duitse Luigem schiereiland. Ook een Duitse tegenaanval in de nacht van 11 op 12 november mislukte. Bij die laatste aanval duwden de Duitsers gevangen genomen Zouaven van het vorige gevecht voor zich uit als camouflage, maar naar verluidt riep één van hen: “Tirez donc au nom de Dieu, ce sont les Boches!“.

Drie grachten

Onmiddellijk na de waarschuwing brak een salvo van de Fransen los dat zowel de Duitsers als de Zouaven neermaaide. De Zouaven uit Noord-Frankrijk (de “Union des Zouaves du Nord”) bleven dit na de oorlog herdenken.

Begin 1915 losten Belgen de Fransen af aan de Drie Grachten. Op 29 maart begonnen de Duitsers een tweede aanval en uiteindelijk konden zij op 8 april de Drie Grachten veroveren. Een demarcatiepaal herinnert aan de meest vooruitgeschoven Duitse voorpost, een kleine wachtpost. Daarna volgde de voorpost Drie Grachten, die slechts te bereiken was via de onder vuur gehouden weg naar Noordschote en die grondig werd versterkt tot een oninneembaar bolwerk van bunkers en loopgraven. Het schiereiland Luigem werd op zijn beurt beschermd door het water en kon bereikt worden via loopbruggen. De militairen richtten hun bunkers er comfortabel in. De Derde Slag om Ieper bracht opnieuw verandering in deze situatie: midden augustus konden de Fransen de frontlijn terug tot aan de Drie Grachtenbrug verleggen.

Bronnen : https://nl.wikipedia.org/wiki/Drie_Grachten

en : Agentschap Onroerend Erfgoed 2016: Naamsteen Drie Grachten Voorpost (Merkem – WOI). In Inventaris Onroerend Erfgoed. https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/95033

Gedenkkapel Gebroeders Van Raemdonck & Aimé Fiévez

Edward en Frans Van Raemdonck waren broers die sneuvelden bij een nachtaanval op het Stampkot te Steenstrate. Zij waren toen allebei sergeant van de 6de Compagnie van het 24ste Linieregiment. De Waalse korporaal Aimé Fievez (1891-1917) overleed op dezelfde plaats en tijdstip. Het stoffelijk overschot van deze drie militairen werd na de oorlog herbegraven in de crypte van de IJzertoren.

Volgens de traditionele, flamingantische versie stierven de broers in elkaar armen. Dit werd o.m. zo vastgelegd in de pentekening “Broederliefde” van Joe English.

Van Raemdonck

Bron : http://gebroedersvanraemdonckkring.org/

Andere versies spreken dit echter tegen: Frans zou in de armen van de Waal Fiévez gestorven zijn, maar omwille van de sterk symbolische waarde van de broederliefde, zou dit stilgehouden zijn. Frans en Edward Van Raemdonck werden algauw één van de symbolen voor de Vlaamse strijd aan de IJzer.

Dit monument werd opgetrokken met betonnen brokstukken afkomstig van het Duitse steunpunt “Stampkot”. De twee grote kruisen raken elkaars armen. Zij symboliseren de gebroeders Van Raemdonck. Het gedenkteken werd ontworpen door Karel de Bondt, kunstschilder uit Afsnee-aan-de Leie, die ook de toegangsdeur van de eerste (gedynamiteerde) IJzertoren ontwierp.

In 2003 werd de weide naast het monument opgekocht door de vzw de IIzerwake. Sedert 2002 organiseert deze radicale afscheuring van het IJzerbedevaartscomité in de week voor de IIzerbedevaart in Diksmuide een IIzerwake bij het monument voor de Gebroeders Van Raemdonck.

Bronnen : https://nl.wikipedia.org/wiki/Gebroeders_Van_Raemdonck

en : Agentschap Onroerend Erfgoed 2016: Gedenkkapel Gebroeders Van Raemdonck & Fiévez (Zuidschote – WOI). In Inventaris Onroerend Erfgoed. Opgehaald van https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/96041

Gedenkkruis voor slachtoffers eerste gasaanval

Tijdens de Tweede Slag om Ieper (zie verder onder het deel Ieperboog) worden in de omgeving op 22 april 1915 Frans-Algerijnse troepen bestookt met granaten. Even later zien Canadese soldaten pijpen boven de Duitse loopgraven uitsteken, maar ze negeren dit vreemde schouwspel. Zelfs aan de waarschuwing van een overgelopen Duitse soldaat, enkele dagen voordien, van een mogelijke aanval met gas, werd nauwelijks aandacht gegeven.

Pas om 17.00 u in de namiddag zien ze een geelgroene nevel op zich afkomen. De Duitsers hebben 5730 gasflessen met chloorgas opengedraaid. De Franse troepen, territoriale Zouaven, worden meteen bevangen door het gas, zodat er een groot gat van 6 km ontstaat in het front. De Canadezen proberen het gat te dichten, maar ook zij kwamen in de gaswolken terecht en verloren meer dan 2000 manschappen.

Gasaanval

Bron : http://deredactie.be/cm/vrtnieuws/14-18/1.2304308

Het ‘Verzoeningskruis’ vervangt het voormalige Franse gedenkteken voor de slachtoffers van de eerste gasaanval. Dit gedenkteken stelde een soldaat voor, die staande voor een kruis, getroffen wordt door het gas, met de beide handen naar de keel grijpt, terwijl twee andere soldaten reeds dodelijk getroffen zijn. Dit gedenkteken werd onthuld op 28 april 1929.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd het gedenkteken door de Duitsers te realistisch bevonden en opgeblazen op 8 mei 1941.Buurtbewoners plaatsten een tijdje later heimelijk ’s nachts een houten kruis, dat de Duitsers nu wel met rust lieten.

In 1954 werd het ‘Comité d’Entente de la Croix de Steenstraete’ opgericht. In plaats van het vroegere gedenkteken zou een verzoeningskruis opgericht worden, die in het teken zou staan van een Frans-Belgisch-Duitse verzoening. Dit voorstel veroorzaakte bij verschillende partijen heel wat commotie. Oud-strijders, die de gasaanval en de daaropvolgende gevechten bij Steenstrate meegemaakt hadden (velen van hen leden voor de rest van hun leven onder de gevolgen ervan) konden de verzoeningsgedachte niet aanvaarden. Zowel Belgische als Franse eenheden protesteerden formeel tegen het initiatief. Duitse reacties op de verzoeningspoging waren daarentegen heel positief. Uiteindelijk werd in 1960 gestart met de oprichting van het huidige gedenkteken, dat enkel door Belgische en Franse instanties werd gefinancierd.

De teksten op het gedenkteken verwijzen naar de Belgische en Franse eenheden die tijdens en na de Duitse gasaanval van 22 april 1915 het gehucht Steenstrate verdedigden.

Bronnen :

https://nl.wikipedia.org/wiki/Tweede_Slag_om_Ieper

en : Agentschap Onroerend Erfgoed 2016: Gedenkkruis voor slachtoffers eerste gasaanval (Zuidschote – WOI). In Inventaris Onroerend Erfgoed. Opgehaald van https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/94657

Tot aan de IJzer

Dit boek wordt beschouwd als de beste Belgische literaire getuigenis over de Eerste Wereldoorlog. Max Deauville – pseudoniem voor de Brusselse Franstalige dokter Maurice Duwez – beschrijft het wedervaren van de gewone piotten vanaf de eerste dagen van het uitbreken van de oorlog tot halverwege 1915, wanneer hij gewond geraakt. “Jusqu’à l’Yser” werd reeds in 1917 in Frankrijk uitgebracht, maar is nu pas sinds 2011 in een Nederlandse vertaling beschikbaar. Max Deauville maakte de strijd om Steenstrate en de eerste gasaanvallen mee. “Gedurende die hele tijd heb ik mijn notitieboekje bijgehouden. Ik noteerde de feiten, beschreef landschappen en indrukken zonder commentaar of interpretatie. Zo kon ik een objectief beeld schetsen van wat een getuige van de grote gebeurtenissen te zien krijgt. De arts van een bataljon bevindt zich tussen de manschappen. Hoewel hij niet moet vechten, leeft hij hetzelfde leven, loopt hetzelfde gevaar, of bijna, ervaart dezelfde problemen, dezelfde verveling en dezelfde ontberingen.’

Max Deauville, Tot aan de IJzer, 2011, Roeselare, Roularta

Herdenkingsbomen en Ypres Salient 1914-1918 applicatie

In 2015 werd het project “Herdenkingsbomen Ieperboogfront” gelanceerd. Als landschappelijk merkteken voor de eerste frontlijnen werden 140 hoogstammige bomen aangeplant. De concrete plantplaatsen werden bepaald na wetenschappelijk onderzoek op basis van luchtfotografie en kaartonderzoek.  Om de herinneringsbomen te herkennen, werden ze voorzien van een metalen boomkorf. Deze zijn telkens voorzien van een sober kleursignaal, gebaseerd op het kleurgebruik van de geallieerde frontlijnkaarten. Boomkorven op de Britse frontlijn krijgen een blauwe bovenrand, de boomkorven op de Duitse frontlijn een rode bovenrand. Op elke korf vind je een infobord met historische luchtfoto en situering van de concrete frontlijn.Als boomsoort is er gekozen voor een resistent ras van de olm, ‘Ulmus lutece’, en dit omwille van de hoge symboolwaarde. Olmen waren immers de meest algemene boomsoort in het begin van de 20ste eeuw, ook in het Ieperse frontlandschap. De boomrijen langs wegen en percelen speelden zelfs een cruciale rol in de lokale frontvorming.

Door de olmenziekte verdwenen vrijwel alle olmen uit de streek. Door de aanplanting van een nieuw resistent ras van de olm, wordt deze toen zo belangrijke soort een stukje in ere hersteld.

Bron : http://www.toerismeieper.be/nl/pagina/157-534-589/herdenkingsbomen.html

Met behulp van de Ypres Salient 1914-1918 applicatie kan men zelf op ontdekking gaan in het landschap van de Ieperboog, op zoek naar deze frontlijnen en herdenkingsbomen. De app helpt de bomen te ontdekken en geeft aan de hand van luchtfoto’s een “toen & nu” beeld.

De app is gratis te downloaden in de Apple App Store en Google Play Store.

Kanaalsite John McCrae

Een van de meest bekende sites van de Ieper Salient is ‘Essex Farm Cemetery’ en de ‘Advanced Dressing Station’ (A.D.S een vooruitgeschoven verpleegpost) waar John McCrae op 2 en 3 mei 1915 zijn wereldberoemde gedicht ‘In Flanders Fields’ schreef.

Luitenant-kolonel John Alexander McCrae (Guelph (Ontario), 30 november 1872 – Boulogne-sur-Mer, 28 januari 1918) was een Canadese dichter, arts, auteur, kunstenaar, militair en een chirurg tijdens de Slagen om Ieper. McCrae is geboren in Guelph, Ontario. Op 28 januari 1918 stierf hij aan een longontsteking. Hij werd begraven op het Wimereux Communal Cemetery, op slechts een paar kilometer van de kust van Boulogne.

John_McCrae

Het gedicht In Flanders Fields werd gepubliceerd op 8 december 1915.

In Flanders fields

In Flanders fields the poppies blow

Between the crosses, row on row,

That mark our place; and in the sky

The larks, still bravely singing, fly

Scarce heard amid the guns below.

We are the Dead. Short days ago

We lived, felt dawn, saw sunset glow,

Loved, and were loved, and now we lie

In Flanders fields.

Take up our quarrel with the foe:

To you from failing hands we throw

The torch; be yours to hold it high.

If ye break faith with us who die

We shall not sleep, though poppies grow

In Flanders fields.

Op de kanaaldijk stonden in april 1915 de stukken geschut van de ‘1e Canadese artilleriebrigade’, en hier bouwden korte tijd later de ‘Royal Engineers’ een hele reeks ‘shelters’ en ‘dug-outs’. De dijk was in de 17e eeuw door de Franse militaire architect Vauban aangelegd als een ‘retranchement’, een grote verdediging van het Franse rijk van Louis XIV. Het Ieperleekanaal tussen Ieper en Fort Knokke lag toen aan de noordgrens van het Franse koninkrijk en de berm diende als bescherming. In de Eerste Wereldoorlog speelde deze dijk opnieuw een militaire rol. De dijk lag bij het front van de Ieperboog; de frontlinie liep slechts enkele kilometer ten oosten van het kanaal. Kort na de wapenstilstand van 1918 deden de vele bunkers in de kanaaldijk ook dienst als eerste noodwoning voor de vele vluchtelingen die terug naar huis kwamen. Hoog op de kanaaldijk staat ook het monument van de ‘49th West Riding Division’ die hier in de zomer van 1915 voor het eerst werd ingezet en hoge verliezen leed.

Bronnen:

https://nl.wikipedia.org/wiki/Kanaalsite_John_McCrae

https://nl.wikipedia.org/wiki/John_McCrae

Agentschap Onroerend Erfgoed 2016: Kanaalsite John McCrae (Boezinge – WOI). In Inventaris Onroerend Erfgoed. Opgehaald van https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/96044

Essex Farm Cemetery

Tijdens de oorlog lag vlak bij de locatie een boerderij die de Britten “Essex Farm” noemden. De plaats lag dicht bij de frontlijn, die zich een paar kilometer ten oosten van het Ieperleekanaal bevond. In het voorjaar van 1915 werd de plaats als verbandpost gebruikt. In die periode werden hier de eerste gesneuvelden begraven die vielen bij de Tweede Slag om Ieper. Ook later in het jaar en tot oktober 1917 werden graven bijgezet.

Er liggen nu 1185 militairen waaronder 1171 Britten, 9 Canadezen en 5 Duitsers. 104 slachtoffers konden niet meer geïdentificeerd worden.

Bron : https://nl.wikipedia.org/wiki/Essex_Farm_Cemetery

Lakenhalle met In Flanders Fields Museum

“Het bos werd dunner, in het landschap dat zich erachter uitstrekte doemde aan de einder een stenen wolkenformatie op, eerst nog blauwig opgaand in de hemel boven de glooiing van het landschap, maar steeds tastbaarder naarmate we dichterbij reden.  Een grotesk luchtkasteel scheen zich dusdanig verdicht te hebben dat het uit het zwerk op aarde neergestort was.  Alleen omdat ik er sinds mijn kinderjaren haast elke zomer naar opgekeken had en in de schaduw van de toren op het marktplein ijs had gegeten, herkende ik de contouren van de eeuwenoude lakenhal.  IJzerkleurig en donker reeds het gebouw niet langer ten hemel maar leek aan een traag neerdruipen begonnen te zijn.  Venstergaten waren uitgelopen tot bressen, zijtorens en spitsbogen hadden hun scherpte verloren. “

Erwin Mortier, Godenslaap, 2008, Amsterdam, De Bezige Bij, p. 235-236

Godenslaap

De Lakenhalle van Ieper is een van Europa’s grootste burgerlijke gebouwen in gotische stijl. De oorspronkelijke lakenhal werd gebouwd tussen 1230 en 1304 en vormde een van de vroegste grote gebouwen ten noorden van de Alpen. Het belfort is 70 m hoog en werd gebouwd tussen 1200 en 1230 als teken van de macht der burgerij. Vanaf eind 12de eeuw tot 1817 werden echte levende katten uit het belfort geworpen. Sinds 1955 zijn dit pluchen katten.

Het gebouw werd tijdens de Eerste Wereldoorlog volledig vernield en later weer opgebouwd.

Lakenhalle 1917

Lakenhalle Ieper 1917

De Lakenhalle in 1905 en 1917.

De Engelse auteur en dichter, Edmund Blunden (1 november 1896 – 20 januari 1974) schreef over zijn oorlogservaringen in de Eerste Wereldoorlog, zowel in proza als in poëzie.  Naar aanleiding van de 100ste verjaardag van zijn geboorte werden drie gedichten van Blunden vertaald door Herman De Coninck. Eén daarvan is :

De Hallen van Ieper

Een wirwar van staal en versplinterde balken,
Ontbonden gebinte, ontwapend beton,
Een muur met een knalblauwe affiche – vreemd als dromen
Loopt deze stad dood in de zon.

Een vormloze obelisk spookt na van St. Maartens,
Zijn spits: nu doelwit voor een Duits bataljon;
Daarnaast kruipt de lakenhal weg, de trots van dit land,
Nu scheefverbrand bordkarton.

Alleen de vierkante toren draagt nog sporen
Van in sterke kantelen bewaarde tijd van toen,
Van fierheid van hier en abele spelen –
Van voor deze ontijd begon.

En onder de serene koepel van dit middaguur,
Onder het onveranderlijk mysterie van azuur,
Zitten daar duiven om zich op te doffen en te pronken –
Om weg te wemelen van de laatste muur.

Herman De Coninck vrij naar E. Blunden

De gerestaureerde lakenhal werd in 1967 voltooid. De architecten opteerden voor een getrouwe reconstructie van de vooroorlogse toestand. Onder aan de lakenhallen zijn de originele stenen nog zichtbaar, deze zijn de grootste. Hoe meer men naar boven gaat, hoe kleiner de stenen worden.De lakenhallen werden vroeger gebruikt als verhandelingsplaats van laken. In elke deuropening onder aan het belfort werd het laken verkocht. Ieper was in de middeleeuwen zeer beroemd vanwege de goede kwaliteit van het laken.

Tegenwoordig is de Lakenhalle een door UNESCO beschermd monument als onderdeel van de gezamenlijke inschrijving van een groep belforten in België en Frankrijk.

In de belforttoren (70m) bevindt zich een beiaard met 49 klokken met een totaal gewicht van 11.892 kg. Om het kwartier speelt een automatisch spel: “Het Iepers Tuindaglied”. Kwart voor en kwart na het uur speelt een korte versie, om half een langere, en op het uur zelf speelt het volledige lied.

In de hallen is ook het In Flanders Fields Museum gevestigd.

Informatie over dit museum : http://www.inflandersfields.be/

Bron : https://nl.wikipedia.org/wiki/Lakenhalle_van_Ieper

Ieper toerisme

Informatie over overnachtingsmogelijkheden : http://www.toerismeieper.be/

 

 

 

 

 

 

Advertenties